REISraël #4: Ingeburgerd

REISraël #4: Ingeburgerd

18 augustus 2019 0 Door Marcel

Het is deze maand elke dag 30 graden celsius in Israël, het is nu zo warm dat het niet eens kan regenen. Langzamerhand raak ik wel gewend aan de temperatuur.

Als groep vrijwilligers eten we altijd samen bij onze eetzaal. Zoals elke dag vragen we aan elkaar wat we van plan zijn die dag. De een gaat werken, de ander gaat zwemmen, ik had gepland om naar het meer van Galilea te gaan. Zo willen er meer mensen mee en zijn we met een grote groep naar Kapernaüm geweest, waar we een ruïne hebben gezien van een oude synagoge. Hebben we nog even gepraat met Jehova’s Getuigen uit Ecuador, die op vakantie waren, tegen wie een van ons opeens een Spaans gesprek begon. We stonden met z’n allen verwonderd te kijken hoe goed ze dat kon.

Daar in Kapernaüm was ook een mooi uitzicht op het meer van Galilea, we konden de andere kant nog nét zien. Later gingen we om het meer rijden langs Magdala naar Tiberias. Daar hebben we een winkelcentrum bezocht en zijn we vervolgens op zoek gegaan naar een plek om te zwemmen in het meer!

De rijstijl hier in Israël is wel een beetje ruig. Rechts heeft geen voorrang zoals in Nederland, dus je moet gewoon voorrang nemen waar mogelijk. Er wordt regelmatig geclaxoneerd en je wordt nog wel eens rechts ingehaald. Op de weg naar Kapernaüm scheurde bijvoorbeeld een busje langs ons heen en ging door een hele nauwe opening tussen twee auto’s. Er liggen soms ook dode honden en katten langs de weg waar je ook voor moet uitwijken.

Het was afgelopen week druk in het hotel. Er was een hele groep Orhtodoxe Joden te gast. Je weet wel: die wit met zwart geklede mannen met een keppeltje, soms een hoed, met lange krullen haar langs hun oren en witte kwastjes langs hun broek. Veel van de vrouwen hadden lange jurken aan en een groot deel ook een doek om hun hoofd. Gebeden werden soms hardop gedaan, ze praktiseren hun geloof. Soms wel een beetje overdreven, ik moest denken aan de Farizeeën.

Ze deden het toch op hun eigen manier! Ze verwachtten dat de maaltijden kosher gekookt worden en gescheiden geserveerd, toch gingen man en vrouw bij elkaar zitten eten. Mannen in die groep richtten zich alleen maar op tora-studie, de vrouwen in het gezin hebben een baan en verdienen het geld. Zo kon ik geen Engels praten met de mannen, dus moesten de vrouwen het woord doen. Mijn Hebreeuws is nog niet zo ontwikkeld, standaard dingen als: erev tov (goede avond), toda (dankje) en legajiem (proost) konden me niet helpen.

In de afgelopen weken heb ik een beetje gemerkt wat de cultuur is hier in Israël. Er zijn meerdere groepen met diverse geloven en stromingen, die allemaal hun eigen gewoontes hebben. Toch hebben veel dezelfde gewoontes, normen en waarden die ik goed heb mogen ervaren. Tijdens mijn werk kwam ik er achter dat Israëlis het normaal vinden om rommel achter te laten.

Het milieu staat bijna niet in hun woordenboek. Veel kinderen gooien hun plastic verpakkingen gewoon op de grond en stampen er soms nog even op. Luiers lagen verspreid over de vloer van een hotelkamer en na de maaltijden staan tafels vol met volgepakte borden. Zaterdag avond kregen we een Duitse groep te gast in het restaurant. We keken onze ogen uit toen ze hun bord leeg hadden gegeten en alles netjes opgestapeld.

Naast alle vreemde indrukken hebben we toch nog een kampvuur gehad in Nes Ammim en zijn we naar het Klezmer Festival geweest in de stad Tzfat, waar diverse podia waren met verschillende artiesten. Ik ben nog wezen hiken naar kasteel Monfort en in wadi Nahal Kziv. Daar hebben we in de bergen en door de dalen gelopen en af en toe gezwommen.

Na een korte wandeling in een parkje van Karmiel kijk ik uit naar een nieuwe week met een vernieuwde blik op het huidige Israël.